Amháin

“Ik zag vragen in uw ogen.”

… Ik ben bijna rond en heb ook in het koor van de kerk wat foto’s gemaakt. Nog steeds geen St. Valentine, het zal wel bij de entree staan, bedenk ik mij. Naar de uitgang lopend zie ik rondom een beeld toeristen staan, het label toerist krijgen zij van mij door hun rugzakken en camera’s. Ik maak een foto van de groep, het is op zich bijzonder dat zo veel mensen door St. Valentine worden aangetrokken, zoals ook ik. Ik kijk over de hoofden heen en zie St. Valentine met een palmtak in zijn handen. Er wordt in het Engels driftig gediscussieerd over de geschiedenis van de heilige en of St. Valentine echt harten bijeen heeft gebracht. Om de beurt wordt verteld, dat het bidden tot nu nog weinig heeft geholpen. Ik vraag me af of deze mensen elkaar kennen en probeer dit in te schatten. het valt me op dat de mensen open zijn over hun vergeefse zoektochten naar een geliefde. Wanneer een jonge vrouw voorstelt, samen het gebed voor St. Valentine te bidden is het even stil. Nadat één van de aanwezigen voorzichtig instemmend knikte volgt er meer instemming. Ook een verontschuldiging dat er niet in een god of almachtige wordt geloofd. De jonge vrouw wijst op het gebed dat naast het beeld is opgehangen. Fluisterend wordt het gebed uitgesproken en ik zie, dat de meesten hun ogen sluiten. Ik volg gedeeltelijk hun voorbeeld en neem mij voor vaak om mij heen te kijken.

Wanneer ik mijn ogen open, zie ik dat de groep naar mij kijkt.

“U heeft nog niets gezegd, bent u ook teleurgesteld dat St. Valentine uw eenzaamheid niet heeft kunnen verdrijven? Gelooft u dat St. Valentine echt een verschil kan maken?”

Gezichten blijven op mij gericht, nu meer vragend, nieuwsgierig of ik ga antwoorden …